Water op je hoofd dragen

29 oktober 2018 - Kampala, Oeganda

Beste allemaal.

We zijn bijna op de helft van mijn tijd in Uganda! En wat is het, ondanks dat alle dagen hier voor mijn gevoel best lang duren, hard gegaan. Ik vind het heerlijk dat we bijna op de helft zijn. Na 6 weken ervaringen, gedachtes, gevoelens en struggelingen is het best fijn dat je weet dat het op de helft is. Het is hier leuk, zeker. Ik maak hele gave dingen mee en leer heel veel. Maar ondanks dat vind ik het niet erg om na 13 weken naar Zuid Afrika te gaan en daar Michael weer te ontmoeten en vervolgens dat land te gaan verkennen om na 23 dagen weer terug naar Nederland te vliegen. Het is een prachtige ervaring allemaal, maar voor 4 maanden is dat wel prima.
Mijn mening hierover komt omdat ik, nu ik in Uganda ben, steeds meer mijn Nederlandse leven ga waarderen. Er zijn zoveel gave en toffe dingen in mijn leven die ik nu niet heb, zoals bijvoorbeeld mijn familie en de scouting. Ik heb best wel zin om iedereen weer te zien, weer groep te gaan draaien bij de scouting en gezellig op donderdagavond een biertje in de scoutingbar te drinken. Ook heb ik zin om weer terug naar mijn oude stageplek te gaan en daar te gaan afstuderen. En te gaan werken bij mijn bijbaantjes. Gewoon weer het gewone, Nederlandse leven wat prima te leven valt.
Ik besef dit steeds meer en meer doordat ik het leven hier zo anders vind. Er zijn zoveel dingen waar ik nog steeds niet, of gewoon nooit, aan kan wennen.

Zo heb ik bijvoorbeeld nu al veel momenten in de sloppenwijk mogen rondwandelen en mogen zien hoe mensen leven. Door de tijd heen leer ik kinderen op HandsforHope kennen en wanneer een social worker mij dan zijn/haar huis (als je het een huis mag noemen) aanwijst, wordt het toch al wel een stukje heftiger. Bizar om dan echt iemands huis te zien. Eerst was het gewoon een huis en ‘gewoon een kind uit de sloppenwijk’, nu is het een kind uit de sloppenwijk met zijn/haar huis. Heel raar. Wat ik lastig vind aan dit proces is dat je echt een beeld krijgt hoe dat kind leeft e.d. En dat maakt het niet altijd even makkelijk in contact. De kinderen van bijvoorbeeld het afternoon-program die we iedere dag zien, zijn zulke lieve en spontane kinderen. Heel schrijnend om dan te bedenken wanneer je bij zo’n huis staat dat het toch echt ineens gecombineerd wordt en dat het huis ineens een inwoner krijgt i.p.v. een onbekende vrouw.

Wat ook een lastig punt is om niet teveel een band met de kinderen te krijgen. Ik merk dat ik, steeds meer en meer, contact met ze kan maken en krijgen en dat we ook mooie momenten met elkaar beleven d.m.v. spel, een gesprek of een grappig moment. Je bouwt gewoon een band op met die kinderen, zonder dat je het wil. Sowieso met heel veel mensen hier. Met collega’s wordt het steeds leuker en hebben echt soms heel veel plezier met elkaar. Bij collega’s vind ik het niet zo erg; die kunnen relativeren dat ik straks weg ben, maar of de kinderen dat kunnen en daar geen ‘schade’ van ervaren… Vandaag zei een collega nog tegen me dat we zo leuk waren met de kinderen en dat ze ons straks na de kerst echt zullen gaan missen. Normaal zou je dat een mooi compliment vinden, en dat is het ook, maar er zit ook een keerzijde aan…

Wat ook heel raar is, zijn sommige gebruiken binnen de Ugandese cultuur. Zo is het soms echt heel vermoeiend om iedere keer weer, ook wanneer je niet even blij bent, mensen te ontmoeten en altijd maar te moeten vragen hoe het gaat en hoe hun dag was. Lang niet altijd even prettig. Soms zijn er mensen die ik echt onaardig vind en dan moet ik toch een gesprek met ze aangaan; want dat is beleefd. In Nederland zou je dan gewoon deze mensen een beetje negeren en je niet zo druk om hen maken.

Wat ik ook soms niet snap is hoe ze met kinderen om gaan hier. Zo worden de kinderen gebruikt om dingen op te ruimen, klaslokalen schoon te maken, stoelen te halen voor de docenten etc. Ook wordt er soms best naar tegen ze gepraat. Zo zei vandaag een collega tegen een wat steviger kind ‘Je bent zo dik dat je niet eens door kan lopen’. Ik stond versteld, in Nederland laat je het wel om dit te zeggen en juist fijn dacht ik dat dat kind wat meer spek op het lijf heeft, mag hier wel meer.

Natuurlijk zijn al deze punten cultuurverschillen en maakt het juist boeiend hoe ik hier mee om ga en hoe ik ze interpreteer. Heel veel dingen zijn gewoon doodnormaal voor de mensen hier en dat maakt niet dat het dan direct fout ofzo is, omdat het in Nederland anders gaat. Ik vind het soms enorm lastig om te verhouden op zo’n moment en om niet mijn eigen normen/waarden en grenzen te overschrijden, al lukt dat niet altijd. Meestal ga ik, wanneer het mij wel echt te ver gaat, gewoon eigenwijs ook schoonmaken en een kind helpen om stoelen te halen. Vaak krijg ik dan commentaar en laat ik weten dat ik het prima vind om even te helpen. Ik wil mij best aanpassen, geen probleem, maar in sommige dingen blijf ik graag de Nederlandse Maike.

Waar ik mij wel meer in zou willen aanpassen is de dagelijkse way of life hier. Wanneer we een berg op moeten wandelen zijn Judith en ik altijd helemaal buiten adem (ondanks dat we een prima conditie hebben), terwijl de Ugandese mensen hier het met gemak lopen.
Ook zou ik graag willen leren lopen als een echte afrikaan met van die enorme manden, zakken e.d. op hun hoofd. Zo moesten we vandaag weer eens water halen en sleepten we een reservoir van 18L water de berg op. Halverwege moeten we dan wisselen, want we zijn dan helemaal moe. Supergrappig dat er dan een mevrouw uit een huisje naar je roept; put it on your head – that is easier! Ja graag haha, maar hoe dan? J
Wat ik ook graag wil meenemen is de positieve, enthousiaste vibe die alle mensen hier hebben. Iedereen is zo gelukkig en blij met zo weinig. Alles is goed, niets is slecht; als je maar elkaar hebt. Een hele mooie gedachte lijkt me, waar we in Nederland soms nog wel eens een voorbeeld aan mogen nemen….

1 Reactie

  1. Marian:
    30 oktober 2018
    Heftig die cultuurverschillen! Snap dat je het regelmatig heel lastig vind, maar blijf positief, net als de mensen daar. En inderdaad: neem die positieve vibe mee naar huis en deel uit. Kunnen wij zeker nog wat van leren. Succes met de 2e helft van je stage!

Jouw reactie